De drie grootste uitdagingen bij het recyclen van een elektrische auto

Publicatie: 5 okt 2022 | Update: 5 okt 2022

Contact opnemen

Wil je meer te weten komen over dit project? Neem dan contact op via onderstaande knop.

De elektrische auto verschilt in de basis behoorlijk veel van zijn vertrouwde evenknie met brandstofmotor. Zoveel zelfs, dat de autorecyclingsector het wiel opnieuw moet uitvinden. Dat levert uitdagingen op én biedt kansen, klinkt het op het recente internationale autorecyclingcongres (IARC).

Kansen voor hergebruik

In de Verenigde Staten gebruikt men voor reparaties zo’n 20 procent gebruikte onderdelen. In Nederland is dat percentage aanzienlijk kleiner: zo’n 2 procent, maar ook aan deze kant van de oceaan zit de groei er flink in, merkt Van der Ven Autorecycling. In de Verenigde Staten is het selfserviceconcept heel populair. Drie jaar geleden brachten ze dit concept, in de vorm van Venyard, naar Nederland. Ze hebben wekelijks behoorlijk wat bezoekers dus de vraag is er daarvoor zeker. Daarvan komt een groot deel online binnen. Via zeven webshops in zes landen verkoopt Venyard inmiddels onderdelen door heel Europa. De overstap naar de doorverkoop van gebruikte onderdelen had flink wat voeten in de aarde voor Van der Ven. De onderdelen hadden ze natuurlijk wel, maar ze konden ze niet verkopen vanwege opslagproblemen en arbeidskosten. Bovendien bestond er geen software voor, dus die ontwierp Van der Ven zelf. Inmiddels liggen er 100.000 gebruikte onderdelen klaar in de magazijnen van Van der Ven voor een tweede leven. Gebruikte onderdelen hebben veel voordelen: ze zijn goedkoper, ze zijn van vergelijkbare kwaliteit en zijn direct op voorraad leverbaar.

Training en routing

De demonteurs bij Van der Ven zijn inmiddels getraind in de demontage van het batterijpakket. Broodnodig, want elektrocutie, kortsluiting en chemische risico’s liggen op de loer. De training is een onmisbare investering nu het aantal binnengekomen hybride en elektrische auto’s is toegenomen. Hiermee staat Van der Ven voor een andere uitdaging: de routing en opslag van batterijen. Of en hoe ze batterijen kunnen verplaatsen, is vaak nog een vraagstuk. De opslag van heel grote batterijen vraagt eveneens om oplossingen en als ze de batterij willen doorverkopen, mist soms de nodige informatie vanuit de fabrikant.

Re-organisatie

De Franse autorecyclinggigant INDRA (een joint venture tussen afvalverwerker Suez en autofabrikant Renault) is het hiermee ook eens. Om een elektrische auto goed te kunnen ontmantelen, is er een nieuwe organisatie van verwerkingscentra nodig. Je moet de locatie herontwerpen; je gaat opnieuw nadenken hoe je dingen opslaat en hoe je omgaat met brandpreventie. Ook de werkwijze verandert. Je moet als verwerkingscentra goed in kaart krijgen wat de schade voorafgaand aan export en verwerking is. INDRA werkt altijd met twee inspecteurs die een pas binnengekomen auto inspecteren. Die extra ogen zijn écht nodig voor de veiligheid. Het zijn namelijk auto’s onder hoog voltage.

Diagnose

De diagnose van batterijen die bij INDRA zijn binnen gekomen is een grote uitdaging. Je wilt zo snel en makkelijk mogelijk de gezondheid, de zogenaamde State of Health, van een batterij uitlezen. Voor zo’n goede diagnosetool is de hulp van autofabrikanten onmisbaar. Vervolgens is het de status van het batterijpakket die bepaalt of verwerking winstgevend is of niet. Alleen bij hergebruik van de batterij verdien je aan een EV. De transmissie brengt niets op, want die zit er niet in. Evenmin is de elektromotor winstgevend; door zijn betrouwbaarheid is daar geen tweedehands markt voor. Ofwel: de opbrengst moet komen van het batterijpakket. Dat is de drijvende kracht. Daarom is de diagnose van zo’n groot belang.

INDRA schat in dat batterijen minimaal een State of Health (SOH) van 75% moeten hebben voor hergebruik in een andere EV. Bij een SOH van 65 tot 75% gloort er nog een tweede leven voor het batterijpakket als energieopslag. Bij een SOH van 65% of minder rest recycling. En daarin is de elektrische auto financieel minder aantrekkelijk dan een auto met brandstofmotor. De kostbare katalysator (al snel goed voor 100 euro aan opbrengsten) ontbreekt immers in een EV.

Financieel interessant

De Europese recyclingorganisatie EGARA sluit zich ook daarbij aan. Hij maakte tijdens zijn presentatie de waarde van batterijhergebruik voor de aanwezigen inzichtelijk met de ladder van Lansink. Batterijhergebruik, reparatie, refurbishing en second life is in die volgorde ook financieel gezien het meest interessant en hoeft daarom niet aangemoedigd te worden. Alleen recycling en transport van totaal afgeschreven, of erger: instabiele batterijen, kost geld. Daar is voor het halen van recyclingdoelstellingen regelgeving en financiering gewenst. Voor hergebruik reparatie, refurbishing en second life van batterijen lijkt dat niet nodig.

Bekijk hoe wij omgaan met persoonsgegevens in onze Privacyverklaring.

Schrijf je in voor de Recycling Nederland nieuwsbrief!

Voeg je toe aan onze maillijst en ontvang Recycling Nederland nieuws en de laatste ontwikkelingen binnen ons team.

Wordt onderdeel van de wereld van Recycling Nederland en draag bij met een positieve sociale impact in de maatschappij!  

Bedankt voor het aanmelden voor onze nieuwsbrief!