Er is grote behoefte aan technologie voor de productie van aromaten uit biomassa. Aromaten zijn vooral belangrijk als grondstof voor kunststoffen, coatings en speciale chemicaliën.

Aromaten, chemische verbindingen die de bouwstof vormen van tal van producten, zijn nu nog volledig afhankelijk zijn van aardolie. Green Chemistry Campus, VITO en TNO hebben in 2013 het startsein gegeven voor een Shared Research Centre Biobased Aromatics. De twee kennisinstellingen gaan in nauwe samenwerking met het bedrijfsleven technologie ontwikkelen voor de productie van aromaten uit biomassa.

Zo moeten biobased aromaten een grote bijdrage leveren aan de verduurzaming. Aromaten zijn vooral belangrijk als grondstof voor kunststoffen, coatings en speciale chemicaliën. Ze uit biomassa maken is een grote technologische en economische uitdaging. TNO heeft ondervonden dat hieraan grote behoefte bestaat in de Industrie. Bedrijven willen hun producten en productieprocessen vergroenen en tevens stijgt de prijs van aromaten uit aardolie door een onbalans in vraag en aanbod. Er wordt her en der wel onderzoek gedaan naar biobased aromaten maar dat is kleinschalig en versnipperd. Met het Shared Research Centre pakken VITO en TNO dit vraagstuk grootschalig bij de kop. Over een paar jaar zullen hier zo’n vijftig technologen van VITO en TNO in open innovatie samenwerken met medewerkers van bedrijven die zich hierbij aansluiten. Het is dan een mondiaal toonaangevend research centre dat ervoor zorgt dat biobased aromaten in steeds meer producten te vinden zullen zijn.

Het Shared Research Centre is gevestigd op de Green Chemistry Campus in Bergen op Zoom, een onderdeel van de Biobased Delta waar al een aantal ondernemers, instellingen en overheden samenwerken aan de biobased economy en is strategisch gelegen tussen de industriële centra Rotterdam en Antwerpen. TNO heeft de vraag van de markt in kaart gebracht en werkt nu uit welke routes technologisch en economisch het meest aantrekkelijk zijn. Om van biobased aromaten een commercieel succes te maken, is nog veel innovatief werk nodig. Het bedrijfsleven heeft zich enthousiast getoond. Bij de kickoff waren een kleine twintig topbedrijven uit de chemie en biotechnologie aanwezig. Biobased aromaten bestaan nog niet commercieel, er wordt dan ook veel van dit centrum verwacht. Verwachting is dat eind dit jaar tenminste vijf industriële partijen meedoen en er al een grote groep technologen uit VITO, TNO en het bedrijfsleven hard aan het werk is.

Biobase economy

TNO zet sterk in op dit initiatief om een bijdrage te leveren aan doorbraken om de chemie te verduurzamen. TNO is onafhankelijk, werkt multidisciplinair en combineert kennis van biotechnologie, chemie, procestechnologie, toepassingen en samenwerkingsvormen. TNO heeft als een van de weinigen al een jaar of tien ervaring met shared research op uiteenlopende gebieden. En samen met VITO beschikt TNO over een nog sterkere kennis basis en een groot internationaal industrieel netwerk. Dit jaar wordt duidelijk welke programmalijnen de belangrijkste zijn om biobased aromaten te gaan ontwikkelen. Daarbij gaat het om zowel bulk- als specialty producten. Ook verwacht TNO eind dit jaar de eerste experimentele resultaten op labschaal, er wordt zeer resultaatgericht gewerkt, het gaat niet om de wetenschap maar om toepasbaarheid in de industrie. Hoewel de eerste geïnteresseerde partijen zich hebben gemeld, verwacht TNO dat zoveel mogelijk bedrijven, van groot tot klein, aansluiting zullen zoeken bij dit initiatief. TNO beschikt hier over een unieke kennisinfrastructuur en een sterk ecosysteem van samenwerkende partijen.

Ingezonden door

Gerelateerd